Skip to Main Content

1. De wetenschapper antwoordt de interviewer te zullen triomferen als hij weer een nieuwe ontdekking heeft gedaan. 
2. De wetenschapper antwoordt de interviewer te zullen inlichten als hij weer een nieuwe ontdekking heeft gedaan. 
 
3. De secretaresse antwoordde de conciërge te komen om het probleem op te lossen. 
4. De secretaresse antwoordde de conciërge te vragen om het probleem op te lossen. 
 
5. De leerling bekende de leraar te hebben gespiekt tijdens het eerste uur. 
6. De leerling bekende de leraar te hebben opgesloten tijdens het eerste uur. 
 
7. De man bekende de vrouw te hebben geflirt met haar beste vriendin. 
8. De man bekende de vrouw te hebben bedrogen met haar beste vriendin. 
 
9. De voetballer belooft de trainer te excelleren en de beker te winnen. 
10. De voetballer belooft de trainer te verblijden en de beker te winnen. 
 
11. De vrouw beloofde de stervende te zullen rouwen en hem eerbiedig te zullen gedenken. 
12. De vrouw beloofde de stervende te zullen begraven en hem eerbiedig te zullen gedenken. 
 
13. De generaal bericht de koning te zullen capituleren en te zullen terugkeren naar het vaderland. 
14. De generaal bericht de koning te zullen ondersteunen en te zullen terugkeren naar het vaderland. 
 
15. De voorzitter bericht de leden te zullen vertrekken maar niet zonder een daverend afscheidsfeest. 
16. De voorzitter bericht de leden te zullen verlaten maar niet zonder een daverend afscheidsfeest. 
 
17. De dief bezweert de handlanger te vechten en niet zomaar de gevangenis in te gaan. 
18. De dief bezweert de handlanger te verraden en niet zomaar de gevangenis in te gaan. 
 
19. De minister bezweert de staatssecretaris te zullen strijden tijdens het komende kamerdebat. 
20. De minister bezweert de staatssecretaris te zullen benadelen tijdens het komende kamerdebat. 
 
21. De dokter garandeerde de patiënt te zullen zwijgen en de familie niets te vertellen. 
22. De dokter garandeerde de patiënt te zullen beschermen en de familie niets te vertellen. 
 
23. De rector garandeerde de lerares te zullen standhouden tegen de boze ouders. 
24. De rector garandeerde de lerares te zullen beschermen tegen de boze ouders. 
 
25. De verdachte getuigt de agent te hebben geslapen en dus onschuldig te zijn aan de misdaad. 
26. De verdachte getuigt de agent te hebben beschermd en dus onschuldig te zijn aan de misdaad. 
 
27. De gedaagde getuigt de rechter te hebben gelogen tijdens de vorige zitting. 
28. De gedaagde getuigt de rechter te hebben beledigd tijdens de vorige zitting. 
 
29. De getuige verklaarde de rechter te zullen zwijgen tijdens het proces. 
30. De getuige verklaarde de rechter te zullen verrassen tijdens het proces. 
 
31. De minister verklaart de asielzoekers te zullen onderhandelen zodat ze in Nederland kunnen blijven. 
32. De minister verklaart de asielzoekers te zullen naturaliseren zodat ze in Nederland kunnen blijven. 
 
33. De tennisser vertelde de trainer te hebben gefaald tijdens de vorige wedstrijd. 
34. De tennisser vertelde de trainer te hebben geraakt tijdens de vorige wedstrijd. 
 
35. De wielrenner vertelde de pers te rusten omdat hij erg moe was. 
36. De wielrenner vertelde de pers te ontlopen omdat hij erg moe was. 
 
37. De vrouw verzekerde de zieke te zullen overnachten in een zaaltje in het ziekenhuis. 
38. De vrouw verzekerde de zieke te zullen bezoeken in een zaaltje in het ziekenhuis. 
 
39. De studente verzekerde de docent te zullen feesten als ze haar tentamen zou halen. 
40. De studente verzekerde de docent te zullen bedanken als ze haar tentamen zou halen. 
 
41. Het kind vraagt de oppas te mogen winkelen in de grote stad. 
42. Het kind vraagt de oppas te mogen bezoeken in de grote stad. 
 
43. De prinses vraagt de kroonprins te zingen op het publieke feest. 
44. De prinses vraagt de kroonprins te inviteren op het publieke feest. 
 
45. De bewoonster waarschuwde de inbreker te zullen schreeuwen als hij dichterbij zou komen. 
46. De bewoonster waarschuwde de inbreker te zullen belagen als hij dichterbij zou komen. 
 
47. De advocaat waarschuwde de officier te zullen dwarsliggen tijdens het belangrijke proces. 
48. De advocaat waarschuwde de officier te zullen dwarsbomen tijdens het belangrijke proces. 
 
49. De hooligan zei de agent te hebben gescholden tijdens de grote vechtpartij. 
50. De hooligan zei de agent te hebben uitgescholden tijdens de grote vechtpartij. 
 
51. De bezoeker zei de clown te hebben gelachen tijdens de circusvoorstelling. 
52. De bezoeker zei de clown te hebben gewaardeerd tijdens de circusvoorstelling. 
 
53. De studente zweert de professor te zullen blokken om het tentamen te halen. 
54. De studente zweert de professor te zullen omkopen om het tentamen te halen. 
 
55. De heks zweert de dwergen te zullen terugkeren als ze weer genoeg kracht heeft. 
56. De heks zweert de dwergen te zullen betoveren als ze weer genoeg kracht heeft. 
1. De wetenschapper antwoordt de interviewer te zullen triomferen als hij weer een nieuwe ontdekking heeft gedaan. 
2. De wetenschapper antwoordt de interviewer te zullen inlichten als hij weer een nieuwe ontdekking heeft gedaan. 
 
3. De secretaresse antwoordde de conciërge te komen om het probleem op te lossen. 
4. De secretaresse antwoordde de conciërge te vragen om het probleem op te lossen. 
 
5. De leerling bekende de leraar te hebben gespiekt tijdens het eerste uur. 
6. De leerling bekende de leraar te hebben opgesloten tijdens het eerste uur. 
 
7. De man bekende de vrouw te hebben geflirt met haar beste vriendin. 
8. De man bekende de vrouw te hebben bedrogen met haar beste vriendin. 
 
9. De voetballer belooft de trainer te excelleren en de beker te winnen. 
10. De voetballer belooft de trainer te verblijden en de beker te winnen. 
 
11. De vrouw beloofde de stervende te zullen rouwen en hem eerbiedig te zullen gedenken. 
12. De vrouw beloofde de stervende te zullen begraven en hem eerbiedig te zullen gedenken. 
 
13. De generaal bericht de koning te zullen capituleren en te zullen terugkeren naar het vaderland. 
14. De generaal bericht de koning te zullen ondersteunen en te zullen terugkeren naar het vaderland. 
 
15. De voorzitter bericht de leden te zullen vertrekken maar niet zonder een daverend afscheidsfeest. 
16. De voorzitter bericht de leden te zullen verlaten maar niet zonder een daverend afscheidsfeest. 
 
17. De dief bezweert de handlanger te vechten en niet zomaar de gevangenis in te gaan. 
18. De dief bezweert de handlanger te verraden en niet zomaar de gevangenis in te gaan. 
 
19. De minister bezweert de staatssecretaris te zullen strijden tijdens het komende kamerdebat. 
20. De minister bezweert de staatssecretaris te zullen benadelen tijdens het komende kamerdebat. 
 
21. De dokter garandeerde de patiënt te zullen zwijgen en de familie niets te vertellen. 
22. De dokter garandeerde de patiënt te zullen beschermen en de familie niets te vertellen. 
 
23. De rector garandeerde de lerares te zullen standhouden tegen de boze ouders. 
24. De rector garandeerde de lerares te zullen beschermen tegen de boze ouders. 
 
25. De verdachte getuigt de agent te hebben geslapen en dus onschuldig te zijn aan de misdaad. 
26. De verdachte getuigt de agent te hebben beschermd en dus onschuldig te zijn aan de misdaad. 
 
27. De gedaagde getuigt de rechter te hebben gelogen tijdens de vorige zitting. 
28. De gedaagde getuigt de rechter te hebben beledigd tijdens de vorige zitting. 
 
29. De getuige verklaarde de rechter te zullen zwijgen tijdens het proces. 
30. De getuige verklaarde de rechter te zullen verrassen tijdens het proces. 
 
31. De minister verklaart de asielzoekers te zullen onderhandelen zodat ze in Nederland kunnen blijven. 
32. De minister verklaart de asielzoekers te zullen naturaliseren zodat ze in Nederland kunnen blijven. 
 
33. De tennisser vertelde de trainer te hebben gefaald tijdens de vorige wedstrijd. 
34. De tennisser vertelde de trainer te hebben geraakt tijdens de vorige wedstrijd. 
 
35. De wielrenner vertelde de pers te rusten omdat hij erg moe was. 
36. De wielrenner vertelde de pers te ontlopen omdat hij erg moe was. 
 
37. De vrouw verzekerde de zieke te zullen overnachten in een zaaltje in het ziekenhuis. 
38. De vrouw verzekerde de zieke te zullen bezoeken in een zaaltje in het ziekenhuis. 
 
39. De studente verzekerde de docent te zullen feesten als ze haar tentamen zou halen. 
40. De studente verzekerde de docent te zullen bedanken als ze haar tentamen zou halen. 
 
41. Het kind vraagt de oppas te mogen winkelen in de grote stad. 
42. Het kind vraagt de oppas te mogen bezoeken in de grote stad. 
 
43. De prinses vraagt de kroonprins te zingen op het publieke feest. 
44. De prinses vraagt de kroonprins te inviteren op het publieke feest. 
 
45. De bewoonster waarschuwde de inbreker te zullen schreeuwen als hij dichterbij zou komen. 
46. De bewoonster waarschuwde de inbreker te zullen belagen als hij dichterbij zou komen. 
 
47. De advocaat waarschuwde de officier te zullen dwarsliggen tijdens het belangrijke proces. 
48. De advocaat waarschuwde de officier te zullen dwarsbomen tijdens het belangrijke proces. 
 
49. De hooligan zei de agent te hebben gescholden tijdens de grote vechtpartij. 
50. De hooligan zei de agent te hebben uitgescholden tijdens de grote vechtpartij. 
 
51. De bezoeker zei de clown te hebben gelachen tijdens de circusvoorstelling. 
52. De bezoeker zei de clown te hebben gewaardeerd tijdens de circusvoorstelling. 
 
53. De studente zweert de professor te zullen blokken om het tentamen te halen. 
54. De studente zweert de professor te zullen omkopen om het tentamen te halen. 
 
55. De heks zweert de dwergen te zullen terugkeren als ze weer genoeg kracht heeft. 
56. De heks zweert de dwergen te zullen betoveren als ze weer genoeg kracht heeft. 

Close Modal

or Create an Account

Close Modal
Close Modal